Plee Perikelen

Vanmiddag spurtte ik na de wekelijkse grote boodschappen, semi-straatarm en met een ontzettende drang, naar de wc om even een potje te piesen als een malle. Helaas heb ik meestal honing aan mijn reet geplakt wanneer ik me voortbeweeg in huis, waardoor onze suikervrij opgevoede kinderen dan als ware hongerige honingbeertjes achter me aan stormen.
Zo ook vandaag en voor ik het wist zat ik te urineren onder het begeleidend gezang van Vader Jacob van de jongste, terwijl de oudste kakelde over haar verlanglijst die al aangelegd is voor haar verjaardag over een maand of drieënzestig.
   Halverwege hun opvoering echter, besloten ze vaderlief te gaan helpen de perziken en kippenbouten uit de auto te tillen en dus bulderden ze met een rotvaart het toilet weer uit. Uiteraard vergaten zij in alle haast de deur te sluiten, waardoor ik in volle glorie op de plee zichtbaar was voor eenieder die het zou willen aanschouwen.
   Partner en ik krijgen allebei altijd de schurft wanneer we zo te kakken worden gezet door onze kroost, want het is niet de eerste keer dat dit gebeurt. We maken er bijgevolg ook de ongeschreven sport van dan toch altijd de ander te stangen, door juist eens even goed te gaan staan te koekeloeren naar hoe uiterst beschaamd de ander in zijn blote reet op die pot zit. Vandaag was het de beurt aan manlief om dat te kunnen doen, terwijl ie flessen cola en halve broden in zijn armen droeg.
Als de rasopportunist die hij is, bemerkte hij meteen de openstaande toiletdeur en zijn blik zoefde acuut mijn kant op. Vermoedelijk heeft hij er een nekhernia aan over moeten houden, maar die scharen we dan onder de noemer “verdiende loon”.
   Met het schaamrood op mijn kaken, maar inmiddels wel een lege blaas, keek ik hem venijnig in zijn ogen aan. Ik had een grijns op zijn gezicht verwacht vanwege de machtige positie waarin hij zich bevond tegenover de mijne. In plaats daarvan werden zijn ogen groot, viel zijn mond wat open en riep hij uit:
   “Jíj. Jij FROTTER!”
Ik werd beticht van frotterschap. Je reinste heiligschennis. Een ergere belediging had hij niet kunnen maken. Je mag me een jaloers kreng, een middelmatige moestuinierder of een snelheidsmaniak noemen. Maar een frotter?
Ik werd harteloos beschuldigd van het opfrommelen van wcpapier, in plaats van het veel betere en altijd te verkiezen opvouwen daarvan. Genadeloos en zonder acht te slaan op de vergaande gevolgen daarvan, werd me de frot-en-propmethode ten laste gelegd.
   Woest trok ik mijn broek omhoog, spoelde door en besloot de rest van de dag niet meer te spreken met de vader van mijn kinderen. We zijn nu vier en een half uur verder en ik ben er inmiddels achter dat deze consequentie eerder belonend dan bestraffend werkt. Uit principe blijf ik er toch stug mee doorgaan.
En de wcdeur gaat vanaf nu consequent op slot.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *